‘Beter dan’ zolang het kan

Niets is voor eeuwig normaal.

Voor mij scheen het een uitgemaakte zaak: ik was beter dan de beter als zegger. Mijn taal leek meer solide. Ik hanteerde haar regels consequent. Ik wist nog niet, dat alles maar een kwestie is van afspraak, en dat velen dit communicatiemiddel niet toepassen volgens de regels, maar uit noodzaak, omdat ze iets kwijt moeten.

Er zat hen iets dwars – werkloosheid, honger, dorst, slecht onderwijs, corruptie, armoede, ongelijkheid, oorlog, klimaatverandering – terwijl ik het over een grammaticale kwestie had. Grammatica was wel het laatste waaraan zij dachten. Het echte leven van de overlever kortom, tegenover de potsierlijke drammerigheid van een taaljongen.

Er is geen reden tot arrogantie bij toezicht op het gebruik van de overtreffende trap.

Actueel taalgebruik is het residu van onverschilligheid of slordigheid ten aanzien van de heersende gewoonte. Als een paar mensen zich niet aan de afspraken houden, hebben puristen de neiging om schamper te doen. Maar als een meerderheid de regels aan z’n laars lapt, zijn ze zelf het haasje. Dan worden de wetten aangepast. Vingerwijzen heeft geen zin meer. Taal heeft geen boodschap aan wie traditioneel en onverbiddelijk blijven.

Zoals het er nu voorstaat met de ‘trappen van vergelijking’ ben ik niet beter dan de beter als gebruiker. De kwestie hangt er om. Na de vergrotende trap komt in de schrijftaal vooral, maar niet uitsluitend, het voegwoord dan; in de spreektaal gewoonlijk als, maar toch ook wel dan. Tot goed begrip van de zaak is een korte historische toelichting noodzakelijk.

In het Middelnederlands werd na een vergrotende trap vrijwel uitsluitend dan gebruikt. In de 16de eeuw begon men in de gesproken taal dan te vervangen door als. Dit gebruik nam steeds toe; in de volkstaal, maar ook in de beschaafde spreektaal, hoor je nu na de vergrotende trap gewoonlijk als.

In de schrijftaal wist dan zich nog lang te handhaven, vooral doordat taalgeleerden uit de 18de eeuw zich hardnekkig aan de oude vorm bleven vastklampen en elk als na een vergrotende trap onverbiddelijk als foutief brandmerkten. Toch ging ten slotte ook bij veel schrijvers de (spreektaal)natuur boven de (schrijftaal)leer. Vergrotende trappen gevolgd door als vinden we nu ook bij onze beste auteurs.

(In het Duits heeft dezelfde verandering zich voltrokken. Ook daar heeft het oorspronkelijke denn plaats moeten maken voor als, welk woord tegenwoordig na vergrotende trappen het monopolie heeft gekregen.)

Dan en als hebben dus gelijke rechten. Wie na een vergrotende trap dan wil gebruiken, kan zich daarvoor beroepen op het taalgebruik van vroeger en grammaticale voorschriften van nu. Maar de tijden veranderen en de taal verandert met hen.

Je moet niet vergeten, dat als na vergrotende trappen ook al een eerbiedwaardige traditie (van niet minder dan vier eeuwen) heeft en dat in de moderne taalwetenschap de grammatica alleen een beschrijvende en niet een voorschrijvende taak is toebedeeld. De schrijftaal van nu is nog altijd sterk traditioneel. Die heeft dan ook een voorkeur voor dan na een vergrotende trap. Maar niets is voor eeuwig normaal.