Menselijke trekjes op het water

Zwaan kleeft niet aan in de buurt van het bellengordijn.

Aan de kade, op de hoek van de Korte Prinsengracht en het Westerdok, staat een vrouw met haar armen te zwaaien. Eerst denk ik dat ze het vaarverkeer staat te regelen maar zoveel boten zijn er momenteel niet op het water. Gelukkig begint ze zichzelf spontaan te verklaren als ik nader.

“Ik begrijp het niet. Die drie zwanen daar zijn constant bij elkaar. Dat is er één teveel, zou je zeggen. Ik zie zwanen altijd alleen maar in koppels.”
Ik moet even nadenken of mijn ervaringen hetzelfde zijn.
“En dan is er die daar” vervolgt ze, een heel andere kant op wijzend. “Die is dus constant alleen. Waarom is er niet minstens één van de drie geïnteresseerd in hem?”

En dan te bedenken dat ik hier kwam om iets te vinden van het luchtbellenscherm naast de Han Lammersbrug. Het is een vinding van het Nederlandse bedrijf The Great Bubble Barrier, en is bedoeld om plastic op te vangen dat anders naar zee stroomt.

“Oh, is het een hij?” vraag ik.
“Nou, dat weet ik niet” zegt ze “het kan ook een vrouwtje zijn. Maar waarom laten die drie anderen haar zo ontzettend aan haar lot over?”
“Misschien zijn het alle vier vrouwtjes” suggereer ik “Of alleen maar mannetjes. Dan valt er niets te paren en vindt er dus geen paarvorming plaats.”

Ik realiseer me dat ik zojuist de mogelijkheid tot het vormen van homostellen heb uitgesloten in de zwanenwereld. Dat was helemaal niet m’n bedoeling. Het laatste wat ik wil zijn louter traditionele levensstijlen. Ook vogels moeten hun vleugels uit kunnen slaan in alle richtingen. Ik weet dat homoseksualiteit voorkomt in de dierenwereld. Ik heb natuurfilms gezien waarin dat wordt uitgelegd.

“Maar als ze geen paartjes willen vormen, waarom trekken ze dan niet gezellig met z’n vieren op?” vraagt de vrouw.

Ik denk na over mogelijke antwoorden op dit volstrekt onverwachte nieuwe dilemma in mijn leven. Mijn gedachten blijven ook hangen bij het woord ‘gezellig’. Was ik nou zojuist degene die alleen maar aan koppelvorming dacht gericht op voortplanting? En mijzelf corrigeerde omdat homoseksualiteit moet kunnen (en gelukkig ook voorkomt) onder dieren? Maar hoe zit het met vriendschappen onder vogels, puur om de eenzaamheid tegen te gaan? Twee aan twee of allen tezamen zou inderdaad voor alle zwanen het beste zijn.

Intussen vervoegt zich een ander persoon aan de kade. Hij is hier, geloof ik, alleen maar voor z’n fiets die aan een paal staat. Ook aan deze kennelijke buurtbewoner legt de vrouw haar probleem voor. De man hoeft niet lang na te denken over het antwoord:
“Tja Leen, uiteindelijk zijn dieren net mensen.” verklaart hij. “Misschien zijn die drie daar het gelul van die ene meer dan beu.”
Na deze korte maar krachtige exegese is hij snel gevlogen.