Een naam die de lading niet dekt

Toch blijkt mijn boekje down under wel bruikbaar.

Hij vroeg er zelf om. Dus heb ik een naar Australië geëmigreerde vriend mijn bundel toegezonden. Vroeger gaf hij niets om poëzie maar er kon in al die jaren iets veranderd zijn. Het blijkt dat ouder wordende immigranten, hoe goed geassimileerd ze ook lijken in hun tweede vaderland, opeens weer versjes in hun moedertaal gaan zingen.

Mijn boekje is inmiddels berucht in huize VanderVeen. Het ligt op het nachtkastje. Vader heeft vrouw en kinderen wijsgemaakt dat het pikante lectuur bevat. Hij spreekt de naam van mijn eenmansbedrijfje dan ook uit als ‘Cum Sauce’. Zijn gezin was onthutst. Wie noemt zijn zaak nou ‘Spermasaus’? Ik meende zelfs iets van walging te zien in gezichten op de achtergrond toen ik laatst met mijn vriend zat te skypen.   

Achtergronden van videobellers die boekdelen spreken.

Ik had in eigen land al moeite om uit te leggen wat ik met de naam Cum Suis bedoelde. Ik schreef op mijn site:

Ik heb voor de Latijnse uitdrukking Cum Suis gekozen om een platform te zijn voor collectieve schrijfprojecten. Cum Suis betekent ‘met de zijnen’. Je spreekt het uit als ‘koem soewis’. De afkorting wordt vaak gebruikt in wetenschappelijke publicaties (Professor Van Dalen c.s.). Dan gaat het om werk van deskundigen waarbij ieder zijn bijdrage levert op grond van de eigen specialisatie. Een dergelijke toepassing laat ik graag aan de geleerden over. Maar het gezamenlijke van die aanpak spreekt mij aan. Liever dan commercieel te zijn, wil ik mij met Cum Suis presenteren als een organisatie voor gezamenlijke belangen en bezigheden.

Van dat collectieve ben ik allang weer afgestapt. Cum Suis is nu een eenmansuitgever in de meest letterlijke zin. Ik publiceer alleen maar eigen teksten. Behalve het drukken doe ik alles zelf. Niets ‘met de zijne’ dus. Ook hier dekt Cum Suis de lading niet. De naam is ongelukkig gekozen.

Het nachtkastje is op zich een eervolle ligplek voor een bundel. Mijn boekje schijnt down under een soort van signaalfunctie te hebben. Soms hoeft mijn vriend er maar een klein stukje uit voor te lezen of zijn vrouw begrijpt waar hij heen wil. De harde g in de Nederlandse taal blijft ze raar vinden maar voor de rest werkt zijn koeterwaals klaarblijkelijk opwindend.

Ook zij grijpt soms naar de ‘Cum Sauce Bible’. Ze slaat het boekje op, imiteert wat Nederlands klinkende klanken en kijkt alsof ze er iets van heeft begrepen. Een pikante blik, neem ik aan. Onleesbare teksten van ‘Klaarkomsaus’, een pornografische boekenmaker uit een onzedig land. Mijn bundel als afrodisiacum. De Kamasutra is er niets bij. De vriend snapt meteen wat zij wil zeggen.

Mijn dichterschap heeft in Brisbane een nieuwe dimensie gekregen.