Barney’s Versie voor het naar bed gaan

Voelen, denken, dromen; drie hersenactiviteiten op één dag.

’s Morgens sta je met een boek in handen (‘Herzog’ van Saul Bellow) dat ooit een verpletterende indruk op je maakte. Je koopt het niet omdat je jezelf hebt wijsgemaakt dat er geen tijd meer is voor romans. Je interesse gaat uit naar het genre ‘populair wetenschappelijk’. (Je waagt je soms aan zuiver academische publicaties maar dat wordt al gauw te ingewikkeld).

Je vindt dat je een meer dan globale kennis moet hebben van onderwerpen als: kwantummechanica, evolutieleer, klimaatproblematiek, godsdienstfilosofie, ‘terra forming’, brandstofcellen, andere hernieuwbare energiebronnen, koraalriffen, bipolaire stoornis, groene technologie, ethiek, vrijdenken, stoïcisme, planten, dieren, het weer, psychiatrie, bewustzijn, computers, elektronica, relativiteitsleer, secularisatie, genetische manipulatie, nanotechnologie, ‘quantum computing’, virussen, zwarte gaten, atheïsme, paleoantropologie, stamcellen enzovoort, enzovoort…de lijst van wat er te weten valt is eindeloos.

Waar blijft de tijd voor fictie? Nou ja, een gedicht of een ‘zeer kort verhaal’ komt nog wel binnen. Als een vitaminepilletje. Maar literair werk van langere adem? Hoe moet je dat in godsnaam in je dag proppen? Moe van al de feitelijke kennis zet je ’s avonds een film op ter ontspanning. Je hebt een ipad aan het plafond bevestigd. Daar lig je onder. Op je hoogslaper. De ‘sleeptimer’ telt de minuten af. Meestal val je ergens halverwege in slaap.

Barney volgt in ‘Barney’s Versie’ zijn grote liefde (die zijn derde vrouw wordt) op de trouwdag met zijn tweede vrouw.

Vanavond houdt ‘Barney’s Version’ je aandacht langer vast. Is het een geweldige film? Misschien niet. Maar soms lijkt herkenning voldoende. Wat is het aan de etterbak en cynicus Panovski dat je geboeid in hem blijft tot het einde? Sowieso het uitstekende acteerwerk van Paul Giamatti (hij kreeg een Golden Globe voor deze rol). De relatie met zijn vader ongetwijfeld; een interessante rode draad in de film en in het leven van de hoofdrolspeler.

Maar bovenal vind je het besluiteloze voortmodderen van Barney aandoenlijk. Verstoken van doelbewuste – want op ware wensen gebaseerde – keuzes belandt hij in benarde situaties zoals dat zo vaak gebeurt als beslissingen niet op tijd noch met volle overtuiging worden genomen. Hij sleept zich voort totdat een werkelijk opkomen voor zichzelf niet langer achterwege kan blijven. De moraal wordt gelukkig niet goedkoop daarna: ook dan blijft het een gesukkel van jewelste. Maar hij is tenminste één keer oprecht verliefd geweest (in zijn derde huwelijk).

Ziezo, dat was een aardige synopsis van een uiterst geloofwaardig want navolgbaar bestaan. Barney heeft mensen geraakt met zijn aanwezigheid. Hij zat ook zichzelf in de weg. Het einde van het eerste huwelijk beklemt je zelfs nu nog. Het beslaat het eerste kwartier van de film. Barney heeft een vrouw bezwangerd. Hij voelt de verantwoordelijkheid om met haar te trouwen. Zij maakt een volkomen onverschillige indruk. Haar kind blijkt verwekt door een ander.

Uit boosheid blijft Barney langer van huis weg dan goed is voor beiden. Zij schrijft een brief die hem – door omstandigheden – te laat bereikt. Uit haar zinnen spreekt spijt en liefde. Hij vindt zijn vrouw dood op bed. De schoonvader die later een bezoek brengt aan Barney, vertelt hoe vaak hij zijn dochter – ‘altijd al lastig’ – moest disciplineren en verklaart daarmee ongevraagd waarom zij was wie zij was; op zijn minst het slachtoffer van kleinburgerlijkheid en gebrek aan ouderlijke zorg.

Het is te laat voor Barney om dingen recht te zetten. Steeds weer achter de feiten aanlopen, roep je zo’n situatie over jezelf af? Ach nee, het leven zit vol onvermijdelijkheden, hoe goed je ook je best doet. De één gooit het op een akkoordje met zichzelf, de ander leeft zeer verantwoord en lijkt op het juiste moment de juiste beslissingen te nemen. Maar dat je fouten maakt onderweg, het schijnt erbij te horen. Natuurlijk, er zijn ook regelrechte klootzakken. Je kunt als kijker ongeduldig worden van Barney, of je ongemakkelijk voelen door de gelijkenissen met je eigen geëmmer; hij blijft een sympathieke sukkel.

Je leest nog even een recensie voor het slapen gaan. Pas dan begrijp je dat de film op een roman is gebaseerd. Roger Ebert schrijft: ‘I haven’t read the much-loved novel by Richler, which is told in Barney’s voice and has been compared by some to Saul Bellow’s Herzog. The novel is said to be richer and more complex than the movie, but having only seen the movie, I can respond favorably to what it does achieve.’

Dat een boek waarmee je ’s morgens in je handen staat, ’s avonds in een artikel wordt genoemd, is een ander aspect van de loop van het leven, dat je – als altijd gespeend van het geloof in voorbeschikking – hardnekkig onder het toeval schaart. Je legt ‘Herzog’ terug maar ondergaat de strekking daarvan iets later met een omweg. Soms wordt het brein bevredigd met weetjes, soms stimuleren gebeurtenissen van onverwachte waarde je synapsen op andere manieren. Rare hersenen. Tijd om ze hun dromen te gunnen.