Weer een religieuze aanslag

Weer een monotheïstische moord.

Weer een door het geloof in die Ene geïnspireerde daad van terreur. Natuurlijk gaat het hier om extremisme. Hoe kun je het onthoofden van de Franse leraar als iets anders bestempelen?

Samuel Paty bracht zijn leerlingen vrijheid van mening bij. Hij voerde een open discussie. Om volstrekt educatieve redenen toonde hij zijn klas de inmiddels beruchte karikaturen van de profeet. Hij had de discretie om studenten die hier moeite mee hadden te verontschuldigen. Ze hoefden deze beelden niet te zien. Hij stelde ze in de gelegenheid om dit gedeelte van de les buiten het lokaal af te wachten.

De dader nam de vrijheid om te doden, ontnam daarmee de vrijheid van een ander en beroofde het woord van zijn essentie. Vrijheid van meningsuiting. Had hij, sinds zijn woede was gewekt, nog enige reflectie op dit begrip? Of kon hij alleen nog maar aan wraak denken en aan bestraffing? Zijn profeet was opnieuw beledigd. Voelde de dader zich tot iets verplicht? Vond hij dat hij uit noodzaak handelde? Moeten we hem beschouwen als iemand met een psychiatrisch ziektebeeld?

Citaat uit ‘The End of Faith’ door Sam Harris.

Het is volgens mij te gemakkelijk om hem voor gek te verklaren. Hij moet ziedend zijn geweest. Volkomen doordrongen van de behoefte aan genoegdoening. Je kunt religieuze fanaten, uit boosheid en afschuw, gestoord noemen, maar zou hij ook werkelijk krankzinnig zijn geweest? Was er, vanuit pathologisch standpunt, echt iets niet in orde met deze extremist?

Het is voor andere monotheïsten, die in hun kerken concepten als liefde, barmhartigheid, vrede en vrijheid overdenken, misschien onaangenaam om te beseffen dat de dader niet geestesziek was in medische zin, maar alleen was vervuld van het soort van rechtvaardigheidsgevoel dat een religie aan mensen kan opdringen. 

Filosoof Sam Harris schreef in zijn boek ‘The End of Faith’ het volgende over de daders van de 11 september aanslagen: “The men who committed the atrocities of September 11 were certainly not ‘cowards,’ as they were repeatedly described in the Western media, nor were they lunatics in any ordinary sense. They were men of faith—perfect faith, as it turns out—and this, it must finally be acknowledged, is a terrible thing to be.”