Is lozen de oplossing?

Als de herinnering aan Fukushima maar niet verwatert.

De Japanse regering gaat meer dan 1 miljoen ton verontreinigd water van de Fukushima kerncentrale in zee lozen. Daarmee komt ze in aanvaring met de lokale vissers die beweren dat deze maatregel hun toch al beschadigde bedrijfstak om zeep helpt. Buurland Zuid Korea boycot de import van vangst uit de regio van de reactor al vanaf de ramp in Maart 2011.

Milieugroepen zijn natuurlijk ook tegen deze beslissing. Wij begonnen thuis spontaan ‘De beuk erin’ te zingen van Robert Long en dat was niet omdat we vrolijk werden van het nieuws.

Toe maar jongens de beuk erin / Ja vooruit maar lui zet hem op / Gif en rotzooi in de zee / De oceaan een grote plee / De vis die gaat maar zo niet dood / De zee is zo ontzettend groot / Dit gaat het snelst en tijd is geld iets anders wordt te duur / Wij zijn de baas in de natuur.

De regering gaf al langer aan dat ze de meer dan 1000 tanks aan nucleair afvalwater in de Stille Oceaan kwijt wil. Met deze beslissing komt er een einde aan jaren van onderhandelen over wat er met het water moest gebeuren. Andere opties waren verdamping of de constructie van nog meer opslagtanks op andere plekken.

Het nu overtollige water is gebruikt om drie beschadigde reactorkernen tegen smelten te behoeden. De hoeveelheid stijgt nog steeds met 170 ton per dag want de verdunning van verontreinigd water gaat noodgedwongen door. De druk om te besluiten wat er met de inhoud van de tanks moest gebeuren nam toe omdat de opslagruimte op het terrein van de kerncentrale tegen het einde van de zomer van 2022 ontoereikend zal zijn.

Kernenergie, vriend of vijand? Het probleem is dat we meer energie nodig hebben dan andere duurzame bronnen op dit moment kunnen leveren.

Dit nieuws doet een pleidooi voor het heroverwegen van kernenergie als energiebron natuurlijk geen goed. Wat het consumentenvertrouwen sowieso niet hielp was, naast de ramp zelf, de uitleg die vaak werd gegeven van de catastrofe en van kernenergie in het algemeen. Die bleek vaak niet correct. Misschien is het goed om nog even stil te staan bij wat er precies gebeurde tijdens de tsunami van 2011. De onverdunde waarheid, zeg maar.

De Fukushimareactoren waren aardbevingsbestendig ontworpen. Toen voor de kust van Japan een zeebeving plaatsvond met een kracht van 9,0 stopten de reactoren onmiddellijk door automatisch de regelstaven te laten zakken. De reactorgebouwen waren niet beschadigd. Alles leek oké. De beving sloot de centrale wel af van het stroomnet, maar er waren meerdere back-upsystemen, waaronder accu’s, dieselgeneratoren en noodkoelingssystemen, die geen externe energie nodig hadden.

De ingenieurs hadden zelfs rekening gehouden met een tsunami, door een beschermende dijk rond de centrale te bouwen. Ze hadden echter geen rekening gehouden met een tsunami van 15 meter hoog en de gevolgen die deze kon hebben. Ze rekenden op een tsunami van hooguit 10 meter.

De dieselgeneratoren, de accu’s, de verdeelkast en de brandstoftanks bevonden zich allemaal in de kelder van de centrale, en de 15 meter hoge tsunami vernielde deze noodstroomvoorziening. De accu’s vielen uit en de dieselgeneratoren stonden onder water, net als de verdeelkast, zodat het onmogelijk was om eenvoudig nieuwe externe energiebronnen in te pluggen. Omdat een gesloten klep niet open wilde, faalde bij Unit 1 het noodkoelsysteem, dat zonder stroom zou moeten werken.

Als de ingenieurs bedacht waren geweest op een 15 meter hoge tsunami, zou de zaak in Fukushima heel anders zijn gelopen, maar vanwege een atypische natuurramp waren alle denkbare back-upsystemen op slag nutteloos.

Ok, soms doen ingenieurs aannamen die onjuist blijken. Vaak wordt de zaak gecorrigeerd voor er echt iets misgaat. Dan doet de fout zich voor in een systeem waarin genoeg speling zit om die te compenseren. Of een back-upsysteem neemt de controle over. Zo nu en dan groeien kleine misvattingen uit tot catastrofes. Maar wetenschappers leren daar onmiddellijk van. Ik acht het onwaarschijnlijk dat de hierboven omschreven fouten nogmaals worden gemaakt.

Ik durf te beweren dat iedere ramp met een kerncentrale, reactors van de toekomst veiliger maakt. Althans, wat techniek en voorzorgmaatregelen betreft. Waarmee ik mij (nog) niet voor herinvoering van kernenergie uitspreek.

Friedliche Annexion nach der Flut

Hoe we alsnog worden ingelijfd door de oosterburen.

Het wordt misschien tijd om met Duitsland te onderhandelen over de vrijwillige afdracht van ons land in ruil voor opname en bescherming van miljoenen ecologische vluchtelingen. Het zal gaan om inlijving van ongeveer de helft van de vaste grond van ons koninkrijkje. De andere helft zal in de zee verdwijnen. Ook dat gedeelte hoort natuurlijk bij de deal. De oosterburen krijgen er vooral veel territoriale wateren bij.

Nederlandse vluchtelingen zouden met name uit de Randstad komen. De Duitsers krijgen voor hun gastvrijheid een kilometerlange kuststrook en een zee vol strandjutmaterialen. Er zal in de eerstkomende tijd van alles aanspoelen op het, nieuw ontstane, strand van Neu West-Deutschland. Het verzamelen daarvan kan een heuse rage ontketenen waarvoor vast een lang Duits woord wordt verzonnen (‘Niederstrandkämrestmaterialsammlung’?)

Nou goed, ik wil geen complottheorie verspreiden of een zoveelste dystopie de wereld in helpen – daar stelt deze site zich nu juist tegen teweer – maar de kans dat de Lage Landen eerder dan verwacht in zee verdwijnen is, vrees ik, weer een beetje groter geworden. Het laatste nieuws over de gevolgen van klimaatopwarming stemt namelijk niet vrolijk.

Voor het eerst sinds men begon met het bijhouden van metingen, is de Arctische Zee zo laat in oktober nog ijsvrij. De uitgestelde jaarlijkse bevriezing is het gevolg van een zorgwekkende ophoping van warmte in Noord Rusland en de indringing van Atlantisch water in de Laptev-zee (normaal gesproken bekend als de geboorteplek van ijs). Dit kan een domino-effect tot gevolg hebben, zeggen de wetenschappers.

Oceaantemperaturen in het gebied stegen recentelijk met meer dan 5 graden boven het gemiddelde. Als gevolg daarvan is er nu een recordhoeveelheid open zee in het Arctische gebied. De kans op een eerste ijsvrije zomer van het volledige Noordpoolgebied is weer een aantal jaren dichterbij gekomen. Het is geen kwestie meer van ‘of’, maar van ‘wanneer’.

Nu weet ik wel dat ijs op de Noordpool op water drijft en dat het verdwijnen daarvan de totale hoeveelheid water niet vergroot, dus niet kan bijdragen aan de zeespiegelstijging. Het gevaar is echter dat het verdwijnen van ijs bepaalde feedbackmechanismen zal versterken. Minder of dunnere ijslagen betekent een kleinere hoeveelheid aan wit aardoppervlak. Het reflectievermogen van de aarde (albedo-effect) neemt daarom af waardoor de totale opwarming van de aarde stijgt en dus ook elders landijs doet smelten.

In de lange relatie tussen Duitsland en Nederland werd gebiedsuitbreiding ooit juist door ‘ons’ overwogen:

‘Nach dem Zweiten Weltkrieg planten die Niederlande ab 1945, große Gebietsteile entlang der deutsch-niederländischen Grenze zu annektieren. Dies wurde als eine Möglichkeit der Kriegsreparation neben Geldzahlungen und dem Überlassen von Arbeitskräften in Betracht gezogen. Der Verlauf der Staatsgrenze zwischen den Niederlanden und Deutschland ist im Verlauf der Außenems nach wie vor ungeklärt. Siehe dazu den Hauptartikel Deutsch-Niederländische Grenzfrage.’ (Bron: Wikipedia)

Beste boer, een beetje respect graag

De wetenschap werkt al jaren in je voordeel.

We schijnen als klein land een relatief grote bijdrage te leveren aan de gezamenlijke geldpot van Europa. Alleen al daarom lijkt het mij verstandig om goed bij te houden wat er in Brussel wordt besproken en besloten. Neem de European Environment Agency. Die hebben onlangs een rapport uitgebracht, genaamd ‘State of nature in Europe’, dat de milieuproblemen weer eens opsomt.

Ik vat samen:
1: Het overgrote deel van de natuur in Europa is in arme of slechte conditie.
2: Deze situatie wordt alleen maar erger.
3: De belangrijkste oorzaak voor deze achteruitgang ligt bij de intensieve landbouw.

Het tegenstrijdige is dat de ‘Common Agricultural Policy’ (CAP) van de EU de intensieve landbouw nog steeds bevoordeelt. Dit komt voornamelijk omdat hervormingen, als het belonen van agrariërs die zich wel inspannen voor een gezond milieu (onder andere dmv de ‘Farm for Fork’ strategie of de ‘European Green Deal’), weerstand ondervinden van boerengroeperingen in sommige lidstaten.

Daartoe behoort Nederland. Zoals wij weten gaat het er in ons land nogal hectisch aan toe als gevolg van ‘trekkerterroristen’. Mechanische paardenkrachten compenseren wat het boerenbrein aan intelligentie moet ontberen. Zo forceerde Farmers Defence Force zich een weg naar Den Haag waar het haar alternatieve waarheden onder veel bedreiging door de strot wrong van bestuurders. Sommigen van hen zagen zich genoodzaakt aangifte te doen bij de politie wegens intimidatie of erger. Anderen dansen (inmiddels) naar de pijpen van deze landbouwcriminelen.

Ondertussen blijft het een wetenschappelijk feit dat de agrarische sector in Nederland verantwoordelijk is voor 47% van de CO2-uitstoot. Je kunt een grote bek opzetten en met boerenverbolgenheid de gier van je eigen gelijk rondstrooien tot de stank van de domheid ondraaglijk wordt en ons als medeburgers naar de keel grijpt, maar de werkelijkheid ploeg je niet zomaar onder de zoden.

Bind je in, boer, laat het denken aan denkers over en gebruik je tractor waarvoor hij gemaakt is. (Zo’n werktuig van meer dan 500 pk kon trouwens ook alleen maar ontstaan dankzij de wetenschap.)

Dit noem ik geen ironie meer

Eerder een vorm van sarcasme.

De oliemaatschappij ConocoPhillips had een probleem. Ze wilde 160.000 extra vaten olie per dag oppompen uit een nieuw project op de Noorderlijke Flank van Alaska. Maar aangezien het poolgebied smelt door klimaatopwarming (onder andere als gevolg van het winnen van fossiele brandstoffen) werd de permafrostbodem te onstabiel. De infrastructuur van de boorinstallatie dreigde daardoor verloren te gaan.

Een recent milieuverslag van het project beschrijft de oplossing die de firma daarvoor heeft bedacht: een vriesinstallatie die de grond onder de machines voldoende afkoelt en afschermt voor de effecten van de klimaatcrisis! Schiet mij maar lek. Ik weet het nu echt zeker: de wereldeconomie moet eerst volledig instorten, willen we ons gedrag veranderen.

Antwoord van oliemaatschappijen op de smeltende poolgebieden: de grond afkoelen zodat ze door kunnen gaan met boren!

Herinvoering kernenergie?

De herinnering aan rampen heeft een lange ‘halveringstijd’.

Ik woonde eind jaren tachtig en begin jaren negentig in een studentenhuis in Maastricht. Daar hadden we vaak buitenlandse studenten op bezoek als tijdelijke onderhuurders ivm uitwisselingsprojecten. Ooit waren de logés twee dames uit de Oekraïne. Ze zaten op de universiteit van Kiev en volgden in ons land een economisch semester. Een jongen die naast mij woonde studeerde iets technisch op hbo niveau. Hij beschikte over een stralingsdetector, of laten we zeggen: hij maakte mij en de rest van het huis wijs dat het een heuse geigerteller was. Ik weet nog steeds niet of hij ons voor de gek hield maar het ding maakte het bekende ratelgeluid van oplopende klikjes als hij in de buurt van onze gasten kwam of van hun spullen. Niet iedereen kon daarom lachen.

De Tsjernobylexplosie is een van de meest apocalyptische technologische ongelukken aller tijden. Ze werd veroorzaakt door slechte ontwerpkeuzes en incorrecte besturing. Deze ramp toont aan hoezeer dingen kunnen misgaan als ingenieurs fouten maken.

Je kunt nu citytrips naar Pripjat maken. Ook de rest van het rampgebied is een toeristische trekpleister geworden.

In feite veroorzaakten drie fouten samen de Tsjernobylexplosie. De eerste fout was de manier waarop de ingenieurs water gebruikten in de reactor. Ze hadden water nodig om stoom te vormen, want stoom is het medium dat de warmte-energie van de reactor opneemt en elektriciteit genereert via een stoomturbine. Het probleem is dat vloeibaar water veel beter neutronen absorbeert dan stoom. Als de operators de reactor afkoelen, bevat de kern vooral water. Als ze de reactor dan onjuist opwarmen en het water snel in stoomfase schiet, kan een energiepiek volgen. De snelle omzetting van water naar stoom veroorzaakt een snelle toename van het aantal neutronen: een positief terugkoppelingsproces.

De tweede fout betrof het ontwerp van de regelstaven. Een regelstaaf wordt geacht neutronen te absorberen, maar de punten van de Tsjernobylregelstaven waren van grafiet. Toen de regelstaven de reactor ingingen, verdreven ze daarom het water, wat leidde tot een volgende energiepiek.

Ten derde had de Tsjernobylreactor geen beschermende behuizing, dus toen de explosie zich voordeed, was er niets wat de vervuiling opving.

Het ongeluk verliep als volgt: op 26 april 1986 koelden de operators de kern onjuist af. Toen ze weer opstartten, schoot het water in stoomfase en ontstond een energiepiek. De regelstaven werden ingevoerd, waarbij de grafietpunten een tweede, rampzalige energiepiek veroorzaakten. De brandstofstaven barstten en de regelstaven zaten klem. Een stoomexplosie blies de kern open, waardoor zuurstofr binnenstroomde en een brand ontstond, die nucleair materiaal de lucht in pompte. Een tweede explosie – waarschijnlijk een kleine nucleaire ontploffing door de fusie van smeltende brandstof – vergrootte de hoeveelheid vrijkomend nucleair materiaal.

Miljoenen hectares land werden besmet met gevaarlijke niveaus radioactieve neerslag en vrijwel heel Europa kreeg te maken met fall-out. De ontwerpbeslissingen van een paar ingenieurs en de operationele fouten van een paar operators troffen miljoenen mensen.

In de discussie over eventuele herintroductie van kernenergiecentrales in Nederland is het goed om te beseffen dat fouten zoals boven omschreven natuurlijk nooit meer gemaakt worden.

De dames die bij ons logeerden werden geboren op zo’n 95 km van de plek van de ramp. Ze bezochten ons drie jaar na die catastrofe. In 1986 maakte Tsjernobyl nog deel van de Sovjet-Unie, vlak bij de grens met Wit-Rusland. De omgeving van Tsjernobyl en de dichstbijzijnde stad Pripjat zijn is na de ramp afgesloten vanwege de hoge radioactiviteit. Doordat er geen mensen meer wonen, heeft de natuur vrij spel. Zo is de omgeving een waar natuurgebied geworden, waar allerlei bijzondere flora en fauna te vinden is.

Het zou cynisch zijn om dit laatste feit als argument te gebruiken voor de herinvoering van atoomenergie. Zo van: als het fout gaat houd je in ieder geval een prachtig, van mensen verstookt, gebied over. Ik zal dit nooit hardop zeggen.

Moeten we terug naar kernenergie?

In het belang van de bomen zeg ik ja. Nou ja: bijna.

Jammer dat de uitvinding van een goedwerkende kernfusiecentrale zolang op zich laat wachten. Moeten we daarom de kernsplijting maar weer in overweging nemen? Kernenergie zou het in mijn ogen veel grotere kwaad van biomassacentrales en illegale bomenkap inderdaad aan banden kunnen leggen. Maar ja, de geschiedenis kent inmiddels vele voorbeelden van waar het fout ging met de op zich ingenieuze techniek van deling van zware onstabiele atoomkernen in lichtere kernen.

Ik bekeek de documentaire van Vicki Lesley genaamd ‘The Atom a Love Story’ en kwam net als de filmmaakster niet echt tot een conclusie of het goed is om deze evident gevaarlijke techniek weer toe te laten. De film behandelt dan ook een langlopend controversieel onderwerp. We beginnen met een clip van het soort van propagandafilm dat in de jaren ’50 van de vorige eeuw gebruikelijk was. Hierin wordt een reactionair en volkomen kritiekloos standpunt verwoord. Gelukkig zijn velen die naïviteit te boven gekomen. Het doet denken aan de sigarettenreclames van die tijd. Er valt alleen maar geluk en zelfs gezondheid van atoomsplitsing te verwachten.

Nucleaire energie werd idealistisch omarmd na de oorlog als onderdeel van onze gloedvolle technologische toekomst maar daarna vrij snel verworpen met het nieuws van verschrikkelijke ongelukken. De gedeeltelijke meltdown bij Three Mile Island in de VS in 1979 was de eerste nucleaire catastrofe die massaal het nieuws haalde. Vlak voor dit ongeluk kwam er trouwens een film uit van James Bridges, genaamd The China Syndrome, die een drama in een kerncentrale als thema had. Deze werd achteraf geprezen als zijnde profetisch en zou een echt instument worden in het populariseren van het anti-nucleaire standpunt. Ik vind dat Vicki Lesley deze belangrijke film op z’n minst even had moeten benoemen.

Ecologische campagnevoerders, vooral in Nederland en West Duitsland, voerden de strijd aan tegen atoomenergie. Het Chernobyldrama in 1986 vervulde zelfs de meest fervente aanhangers van dit proces met angst en beven. En in 2011, net toen velen weer een beetje onverschillig of gelaten dreigden te worden, deed zich het ijzingwekkende incident voor bij Fukushima in Japan. Het levensgrote probleem van de klimaatopwarming werd ons echter ook steeds duidelijker. Dat zorgde ervoor dat de vraag of kerncentrales niet toch een uitkomst waren, werd heroverwogen. We moesten de vervuilende fossiele brandstoffen tenslotte te lijf.

Er is dit verschil: de klimaatcrisis is een ramp in slowmotion terwijl Three Mile Island, Chernobyl en Fukushima het publiek heel helder voor ogen staan. Er is echter nog iets dat ons heel erg bezighoudt en dat zijn de broeikasgassen. Als we die nou heel erg kunnen terugdringen met één zo’n centrale en daarmee ook nog alle lelijk in het zicht staande windmolens en zonneakkers kunnen vervangen? Verder is er het argument dat we door schade en schande wijs zijn geworden. Wetenschappers hebben de techniek nu meer onder de knie dan toen. We worden steeds deskundiger, dus voorzichtiger.

Het vergroten van de veiligheid van de nucleaire techniek is misschien wat al te theoretisch. Het moet in de praktijk worden bewezen maar of atoomenergie die kans nog ooit zal krijgen. Kan een belofte voor de toekomst objectief worden afgewogen tegen de klimaatramp die zich op dit moment voltrekt? Voorlopig lijkt onze liefdesaffaire met nucleaire energie over. Dan rest ons het aflopend huwelijk met fossiele energie en de veel te voorzichtige verkering met hernieuwbare bronnen. Er spatten gewoon te weinig vonken af van onze groene projecten waardoor we snel met een energietekort zullen kampen. Dan wordt er weer gekeken naar houtstook als oplossing. Ik zie veel kale plekken voor me waar ooit prachtige bomen stonden.

Lesley geeft het laatste woord aan de gepassioneerde en overtuigde anti-kernenergie activist Ralph Nader, maar dat wil niet zeggen dat haar film zich op dezelfde manier uitspreekt. Ik ben er ook nog niet uit. Jammer hoor, dat kernfusie zolang op zich laat wachten.

Zinloos vliegen van A naar A.

Naïef rondjes draaien boven een zieke wereld.

Kun je je dat voorstellen, dat er vliegtuigmaatschappijen zijn die vluchten aanbieden zonder bestemming? Dus dat je een beetje gaat rondvliegen voor de lol? Wat een zieke wereld is dit, waarin men doelloos van A naar A vliegt, met een vervuilende omweg die geen enkel ander doel dient, dan de reiziger een goed gevoel te geven. Dat moet dan wel een gewetenloos wezen zijn zonder enig milieubesef, anders begrijp ik niet hoe deze ervaring je kan bevredigen.

Je moet (vooralsnog) in Brunei, Japan, Taiwan of Australië zijn om zo’n vlucht te kunnen boeken (en daarmee te bewijzen hoe naïef en onverschillig je bent). Maak je over Europese overheden overigens geen illusies; ook in deze contreien zou menig regering zich graag bereid tonen het milieu te offeren om de paradepaardjes van hun nationale trots uit het coronaslop te helpen. De financiële steun die zij aan deze vervuilende industrie geven, zonder al te veel voorwaarden over toekomstige vergroening, zegt wat dat aangaat genoeg.

Er was een tijd dat we hieraan genoeg hadden.


De luchtvaartmaatschappijen in Australië en Azië doen er alles aan om het de passagier naar de zin te maken, zo lees ik. Passagiers van de Boeing 787 Dreamliner van Qantas krijgen onder andere een lunch, een goodiebag en een show van een bekende Australiër. De Taiwanese luchtvaartmaatschappij Starlux biedt ook een hotelovernachting aan bij de vlucht, en vertier bij het boarden. EVA Air, een andere Taiwanese maatschappij, organiseerde een Hello Kitty-vlucht.

De verantwoording is flinterdun. Er is een psychologisch argument: deze vluchten zouden een uitkomst zijn voor reizigers die normaal gesproken vaak vliegen en dat nu missen. Verder schermt men natuurlijk met werkgelegenheid: de vluchten zorgen weer voor arbeid voor het boordpersoneel.

Luchtvaart is een belangrijke bron van luchtvervuiling. Omwonenden van luchthavens hebben niet alleen geluidsoverlast, maar lopen ook gezondheidsrisico’s door het ultrafijnstof dat door vliegtuigen wordt uitgestoten. Metingen laten zien dat zelfs op vele kilometers afstand van de luchthaven gevaarlijk hoge concentraties ultrafijnstof werden gevonden.

Ultrafijnstof is een serieus probleem voor de volksgezondheid, omdat deze hele kleine deeltjes via de longen makkelijk tot diep in het lichaam kunnen doordringen. Op de korte termijn merk je daar niets van, maar langdurige blootstelling aan hoge concentraties leidt uiteindelijk tot vroegtijdige sterfte.
Het staat vast dat iedere toename van ultrafijnstof negatief uitpakt voor de gezondheid. De paniek zou toeslaan wanneer er water uit de kraan kwam dat ziek maakt, maar dat veel mensen dagelijks ongezonde lucht inademen, wordt vreemd genoeg zomaar geaccepteerd.

Ondanks de verontrustende meetresultaten, werden in Nederland geen maatregelen genomen om de vervuiling terug te dringen. Wel liet het ministerie van infrastructuur en waterstaat door het RIVM vervolgonderzoek doen naar de gezondheid van omwonenden van Schiphol. Dat onderzoek loopt nog.
Overheden moeten onze gezondheid beschermen. Dat kan onder andere door over te stappen op zwavelvrije kerosine, door accijns op kerosine te heffen en door werk te maken van een netwerk van hogesnelheidstreinen, zodat er op prijs en reistijd geconcurreerd kan worden met het vliegtuig.

In Engeland werd voor het eerst door klimaatactivisten in de rechtszaal met succes een beroep gedaan op het Klimaatakkoord van Parijs uit 2015. Volgens het Britse Hof van Beroep mag de aanleg van een derde start- en landingsbaan voor de Londense luchthaven Heathrow niet doorgaan omdat die in strijd is met de doelen van ‘Parijs’. Dat oordeel kan grote consequenties hebben, ook buiten het Verenigd Koninkrijk. Deze uitspraak laat zien dat het Parijs-akkoord niet zomaar een intentieverklaring is. Overheden zullen moeten uitleggen hoe hun beleid aansluit bij Parijs.

Mede in het licht van deze uitspraak verwacht ik niet dat de Nederlandse regering zal toestaan dat vanaf Schiphol panoramische vluchten mogen worden gemaakt zonder bestemming. Er zou gewoon teveel verzet volgen op zo’n goedkeuring. Niet dat de economische groeidenkers er niet gek genoeg voor zijn natuurlijk.

Tiny House in de Ardèche (1: Ligging)

Een micromaison op meer dan 16000 m² grond

Waar ligt het kleine huisje? We gaan van groot naar klein, te beginnen met de kaart van Frankrijk. Ik ben graag volledig. Zoom je even mee (in)?

De Ardèche ligt op zo’n 1000 km afstand van Utrecht.
De Ardèche heeft departementsnummer 07. Ardèche maakt deel uit van de regio Auvergne-Rhône-Alpes. Ten zuiden ervan ligt het natuurreservaat en Nationaal Park de Cevennen maar het departement bestaat zelf ook voor zo’n 31% uit bos. De bekendste rivieren zijn de Rhône, de Ardèche, de Chassezac en de Doux.
De regio Auvergne-Rhône-Alpes is op 1 januari 2016 ontstaan door de samenvoeging van de regio’s Auvergne en Rhône-Alpes.
De regio Auvergne-Rhône-Alpes.
Hier zie je de departementen die deel uitmaken van de regio Auvergne-Rhône-Alpes en (in kleur) ook de provincies zoals ze bestonden in de 18e eeuw. Dat gelige gebied waar de Ardèche deel van uitmaakt heette vroeger Languedoc. Dat bestaat nog steeds natuurlijk en loopt viel zuidelijker door. Het blauwe gedeelte heette de Dauphiné. Ten westen van de Languedoc lag de Auvergne. Veel Fransen duiden die streken nog zo aan, vandaar dat ik ze er even bijzet.
We zoomen nu in op de drie arrondissementen van het departement Ardèche. Eén van die arrondissementen is Largentière. Een arrondissement bestaat uit kantons. We gaan naar het kanton Vallon-Pont-d’Arc in Largentière.
Het kanton (in dit geval het kanton Vallon Pont D’Arc dat deel uitmaakt van het arrondissement Largentière) omvat verschillende gemeenten. We gaan naar de gemeente Lagorce.
Eén van de gemeenten binnen het kanton Vallon-Pont-d’Arc heet Lagorce. Het ‘tiny house’ bevindt zich in de gemeente Lagorce. Dat is een gemeente in het departement Ardèche (regio Auvergne-Rhône-Alpes). De plaats maakt deel uit van het arrondissement Largentière.
Op deze kadastertekening zijn de vele stukjes land te zien van de buren en zie je ook een beekje ten westen van het terrein met nummer 1217. Op 1217 zoemen we in want dat is het terrein waar het over gaat (en waar dus het tiny house staat).
Het ‘Tiny House’ bevindt zich op het stuk grond dat wordt aangeduid als: numéro 1217 de la section K lieu-dit “Les Combeaux”, contenant 16613m². De op dit papier genoemde eigenaar is wijlen mijn vader.
Het terrein heeft als nummer 1217 (zie boven) en heet ‘Les Combeaux’. Het geel/oranje blokje in dit terrein is het tiny house. Zo krijg je een idee van de grootte van het stuk grond.

Zie de andere (nog komende) berichten voor meer details over het huisje zelf.

We gaan ijskoud door met ons verwoestende leven.

Hoe kun je jezelf nog met andere dingen bezighouden dan met datgene dat je direct bedreigt? Ik kan me dat moeilijk voorstellen. Onder een zwaard van Damocles dat elk moment je hoofd kan doorklieven – om dat aloude beeld maar weer eens op te roepen – is het moeilijk feestvieren. Of kunst bedrijven. Of op vakantie gaan. Of over ditjes en datjes praten.

In 2019 verloor de Groenlandse ijskap 532 miljard ton aan massa. Het is een record sinds het begin van de metingen in 1972. Omgerekend stijgt de zeespiegel er wereldwijd met 1,5 mm door.

Wat er gebeurt heeft te maken met de bijzondere topografie die veel fjorden in Groenland hebben. Vanaf zee loopt de bodem richting land namelijk af – de zee wordt dieper. Denk aan een badkuip. Als een gletsjertong zich terugtrekt, komt zijn voorkant in contact met steeds dieper water. En juist in deze fjorden is de onderstroom warmer dan het oppervlakkige water. Daardoor worden gletsjertongen aan de onderkant sneller ‘weggevreten’ en versnelt de smelt en het massaverlies.

Het record werd bereikt omdat er relatief weinig sneeuw (sneeuw voegt massa toe) viel in de eerste en laatste maanden van het jaar. Terwijl er tussen mei en september erg veel ijs verdween, mede door een hittegolf eind juli. Het oude record stamt uit 2012, toen de ijskap 464 miljard ton aan massa verloor.

De Groenlandse ijskap, die op plekken drie kilometer dik is, krimpt sinds de jaren 80. Oorzaak is de opwarming van de aarde – het Arctisch gebied warmt twee tot drie keer zo snel op als het wereldwijde gemiddelde. Er smelt meer ijs, dat afwatert naar zee. En in zee eindigende gletsjers brokkelen sneller af. Toch waren er nog periodes dat de ijskap aangroeide, bijvoorbeeld in ’92-’93 en in ’96-’97. Maar sinds ongeveer 2000 is het massaverlies versneld. Op jaarbasis is er alleen nog sprake van krimp, het ene jaar meer dan het andere. Zelfs in 2017 en 2018, jaren die zich kenmerkten door opvallend koude zomers en veel sneeuwval in herfst en winter. Door deze ontwikkeling is het aandeel van Groenland in de wereldwijde zeespiegelstijging (die momenteel gemiddeld iets meer dan 3 mm per jaar bedraagt) toegenomen tot inmiddels zo’n 25 procent.
De ijskap is sinds ongeveer 2000 in een nieuwe toestand terecht gekomen. De kans dat er de komende decennia nog een jaar komt waarin de ijskap aangroeit, is gekrompen tot 1 procent.

De verandering vanaf 2000 betreft vooral de gletsjers. Vele lopen uit in zee. Deze zogeheten gletsjertongen kunnen aan de voorkant nog steeds enkele honderden meters dik zijn. Maar door de opwarming zijn ze aan het front snel dunner geworden, waardoor de voorkant sneller afbrokkelt. De gletsjertongen zijn zich richting land gaan terugtrekken, in de ene regio sneller dan in de andere.

We zien eerst de gletsjertongen dunner worden en zich terugtrekken, en dat wordt na een paar jaar gevolgd door versneld massaverlies van de gletsjers. Wat er gebeurt heeft te maken met de bijzondere topografie die veel fjorden in Groenland hebben. Vanaf zee loopt de bodem richting land namelijk af – de zee wordt dieper. Denk aan een badkuip. Als een gletsjertong zich terugtrekt, komt zijn voorkant in contact met steeds dieper water. En juist in deze fjorden is de onderstroom warmer dan het oppervlakkige water. Daardoor worden gletsjertongen aan de onderkant sneller ‘weggevreten’ en versnelt de smelt en het massaverlies.

De onderzoekers zien grote regionale verschillen in de reacties van de gletsjers. Tot voor kort was het de Jakobshavn-gletsjer, in het middenwesten van Groenland, die het meest bijdroeg aan het massaverlies van de ijskap. Maar sinds 2016 is dat opeens sterk afgenomen. In het noordwesten van Groenland is sinds enkele jaren juist sprake van versneld massaverlies. Toch zien de onderzoekers ook een gemeenschappelijk patroon. Bij elke kilometer dat de gletsjers zich in een regio gemiddeld terugtrekken, neemt de smelt en de waterafvoer met 4 tot 5 procent toe.

Sommige media meldden al dat de ijskap het ‘point of no return’ zou zijn gepasseerd. Ook al zou de mens zijn uitstoot van broeikasgassen per direct naar nul weten terug te brengen, dan nog zou de ijskap afsmelten. Het is een voorbarige conclusie. De ijskap is nog niet reddeloos verloren. Wel zal hij nog jaren blijven smelten, ook al stoot de mens geen broeikasgassen meer uit. Dat komt omdat de ijskap en de oceaan eromheen vertraagd reageren op opwarming. Maar hoe lang de krimp dan nog aanhoudt, weten we niet.

Zij die het weten kunnen zeggen het met zoveel woorden.

Wetenschappers wagen zich niet snel aan voorspellingen. Je moet geen onzekerheden in je onderzoek willen introduceren, je bent tenslotte geen politicus, klimaatontkenner of complotdenker, die zomaar wat kan roepen. Soms laten wetenschappers zich echter wel erg voorzichtig uit. Dan zeggen ze bijvoorbeeld dat de toekomst van de ijsplaten afhankelijk is van het klimaatpad dat we gaan volgen. En dat het niet zeker is welk pad dat zal zijn.

Ik vind die voorzichtigheid een verademing. In een wereld waarin velen zomaar wat roepen, zijn wetenschappers onze rotsen in de branding. En toch, met alle respect voor deze zorgvuldigheid – die onderzoekers van de werkelijkheid nu eenmaal moeten betrachten – mag ik, als bezorgde burger, toch wel voorzichtig naar voren brengen dat, mijn tijdgenoten inschattende, en in het licht van wat klimaatonderzoekers inmiddels boven water hebben gekregen, het volkomen duidelijk is waar het heengaat met de wereld?

We weten nu dat 60 procent van de ijsplaten kwetsbaar is en als gevolg van de opwarming van de aarde op de lange termijn een grotere kans heeft om te verdwijnen.

De politiek trekt zich te weinig aan van de gevolgen van klimaatopwarming (eigen waarneming) en de gemiddelde mens in mijn omgeving (zelf opgedane ergernis) interesseert het zo mogelijk nog minder.

Wat heeft de wetenschap tot nu toe ontdekt? Dat meer dan de helft van de in zee drijvende Antarctische ijsplaten het risico loopt om gedeeltelijk af te breken. Als dit gebeurt, kan het landijs sneller naar zee stromen en zal de zeespiegel stijgen.

Door grote aantallen satellietbeelden te combineren met slimme algoritmen brachten de onderzoekers nauwkeurig in kaart waar zich spleten in het ijs bevinden. Als zich daarin genoeg smeltwater verzamelt, kan dit leiden tot verdieping van de scheuren en uiteindelijk tot het afbreken van de ijsplaten. Deze platen remmen het naar zee stromen van het landijs af. Als ze wegdrijven of in kleine stukken uiteenvallen verdwijnt hun remmende werking en kan het landijs sneller naar zee stromen. Als meer landijs de zee instroomt leidt dit tot verhoging van de zeespiegel.

We weten nu dat 60 procent van de ijsplaten kwetsbaar is en als gevolg van de opwarming van de aarde op de lange termijn een grotere kans heeft om te verdwijnen. Het is nog niet duidelijk in hoeverre ijsplaten op dit moment al aan het smelten zijn.

Hoeveel smeltwater op de ijsplaten ligt, wordt nog onderzocht. Het lijkt te gaan om een klein percentage van het oppervlak. In het oostelijk, koudere deel van Antarctica is dat 0,6 procent. Dit zal meer zijn in het westelijk deel van het continent, dat gevoeliger is voor opwarming van oceaan en atmosfeer.
Men heeft nu een indicatie welke ijsplaten kwetsbaar zijn en waar we onze aandacht op moeten richten.

Dit wetende zou ik bijna zeggen: ik weet genoeg. Dat doe ik natuurlijk niet, want hoe meer kennis van zaken, hoe beter. Wat ik bedoel is, dat ik geen groter inzicht nodig heb om in te zien, dat als zich smeltwater in spleten in het ijs verzamelt, de scheuren zo zullen verdiepen dat de ijsplaten op een zeker moment afbreken en dat we dan de moord zullen stikken. Afbreken zullen ze. En de zeespiegel zal zodanig stijgen dat we het in dit kikkerlandje niet langer droog houden.

We zijn gewaarschuwd. Door mensen die ervoor hebben doorgeleerd.